naar Homepagina
  1. Het grote Formule 1-woordenboek

Het grote Formule 1-woordenboek

Ronkende motoren, supersnelle auto’s en een uitgelaten publiek: een dagje circuit is altijd een belevenis! Maar een Formule 1 wedstrijd wordt pas écht spannend als je alle regels en racetermen goed begrijpt. In dit overzicht vind je alle belangrijke Formule 1 termen op een rijtje.

 
Apex Hét punt in een bocht die de coureurs willen ‘raken’ om geen kostbare tijd te verliezen. Bochten zijn heel belangrijk voor coureurs, want hier kan het verschil gemaakt worden tijdens een race. De apex ligt precies op het punt waar de ideale racelijn het dichtst bij de binnenkant van de bocht komt.
 
Chicane Dit is een kunstmatige bocht op het circuit, bedoeld om de auto’s af te remmen. Deze vaak S-vormige bocht volgt vaak na een snel en recht stuk op het circuit en wordt door coureurs vaak gebruikt om in te halen.
 
Compound Hiermee wordt het type band aangeduid. Pirelli is bandenleverancier voor de Formule 1 en heeft zeven compounds ontwikkeld: Ultra Soft (paars), Super Soft (rood), Soft (geel), Medium (wit), en Hard (oranje). Bij regen of nat wegdek is er nog de groene Intermediate compound en de blauwe compound Full Wet.  
 
Constructeurstitel Naast het coureurskampioenschap is het voor de teams ook belangrijk om de constructeurstitel (denk aan Mercedes, Ferrari of Red Bull) te pakken. Voor dit kampioenschap worden alle punten van één team bij elkaar opgeteld. Deze puntentelling wordt in een apart klassement bijgehouden. De constructeurstitel is belangrijk voor een team omdat er een grote geldprijs aan verbonden is.
 
Diffuser Onderdeel van de aerodynamische constructie onder een Formule 1 auto die ervoor zorgt dat de lucht sneller onder de auto door loopt. Hierdoor stijgt de neerwaartse druk en zo wordt de auto als het ware naar het asfalt gezogen. 
 
Downforce De kracht waarmee een Formule 1 auto tegen de grond gedrukt wordt. Dit heeft onder andere te maken met de afstelling van de vleugel.
 
Drive Through Penalty Voor het overtreden van een regel of het veroorzaken van een botsing kan een coureur een boete krijgen. Bij een drive through penalty is een coureur verplicht om binnen vier rondes door de pitstraat te rijden. 
 
DRS Het Drag Reduction System is het beweegbare deel van de achtervleugel dat opengeklapt kan worden. Dit systeem kan door een coureur geactiveerd worden wanneer hij op minder dan een seconde afstand van de coureur voor hem rijdt. Het inschakelen van het DRS zorgt ervoor dat de weerstand (downforce) van een F1-auto tijdelijk wordt verlaagd, om zo een hogere topsnelheid te kunnen halen. Het systeem is bedacht om inhalen te bevorderen, maar mag alleen vanaf een bepaalde ronde én in bepaalde zones van het circuit ingezet worden.
 
ERS Het Energy Recovery System is onderdeel van het hybride systeem van een F1-auto. Dit systeem slaat de energie op die vrijkomt bij het remmen, deze energie kan de coureur later inzetten voor een korte extra pk-boost.
 
Onderstuur Onderstuur heeft te maken met het stuurgedrag van een F1-auto. Dit gebeurt als de maximale grip van de voorbanden overschreden wordt. De auto wil door de snelheid lastiger door de bocht.
 
Overstuur Bij overstuur wordt de maximale grip van de achterbanden overschreden. De auto slipt weg waarbij het lijkt alsof de achterkant de voorkant in wil halen.
 
Paddock Tijdelijk onderkomen van de teams tijdens de race. Dit gebied op het circuit is exclusief toegankelijk voor de coureurs en andere teamleden, maar ook voor bijvoorbeeld oud-wereldkampioenen en journalisten.
 
Pitstop De coureurs moeten tijdens een race minimaal één keer van banden wisselen in de pitstop. De pitstop is een bypass op het circuit, waar de monteurs klaar staan om de gebruikte banden van de auto te halen en de nieuwe banden erop te zetten. Het is heel belangrijk dat een pitstop zo snel en efficiënt mogelijk verloopt om zo min mogelijk tijd te verliezen.
 
Pitmuur Dit is de kleine overkapping in de pitstraat waar de teambazen en technici zich bevinden. Vanuit de pitmuur communiceren zij constant met de coureurs en houden via de beeldschermen het verloop van de race nauwlettend in de gaten.   
 
Pole position De eerste startpositie in een race heet de Pole position en is van groot belang voor de coureurs. De coureur die tijdens de Q3 de snelste rondetijd rijdt, mag de volgende dag op deze positie starten.
 
Power unit De Power unit bestaat uit een zestal elementen van de F1-auto. Deze elementen mogen elk vijf keer vervangen worden tijdens een seizoen.  
 
Q1 Tijdens deze kwalificatieronde mogen de coureurs binnen een tijdsbestek van 18 minuten net zoveel rondes rijden als ze willen; de snelste rondetijd wordt geregistreerd. Na afloop van deze sessie valt een aantal coureurs af (afhankelijk van het totaal aantal coureurs), zij krijgen de laatste startposities in de race van zondag.
 
 Q2 De overgebleven coureurs uit Q1 strijden in deze ronde om een plek bij de tien snelste racers die doorgaan naar Q3. In deze ronde hebben de coureurs 15 minuten de tijd om hun snelste rondetijd neer te zetten. De coureurs die de top tien niet halen starten de race op zondag vanaf startpositie 11.
 
Q3 In deze ‘top 10 kwalificatie’ racen de laatste tien coureurs om de eerste plek in de startopstelling: de poleposition. De coureurs krijgen 12 minuten om de beste rondetijd te rijden, de uitslag bepaalt de startpositie binnen de top 10 voor zondag.  
 
Race-engineer De belangrijkste schakel binnen een Formule 1 team. De race-engineer is verantwoordelijk voor de auto en communiceert tijdens de race met de coureur.
 
Safety Car Deze auto komt de baan op na een crash of als het bijvoorbeeld heel hard regent. De race wordt dan eigenlijk ‘geneutraliseerd’; de coureurs zijn verplicht om achter de safety car te blijven en ze mogen elkaar niet inhalen. Omdat de safety car zo langzaam rijdt (vergis je niet: hij haalt soms alsnog 280 km per uur) verdwijnen alle tijdsverschillen, waardoor deze situatie vaak een groot effect heeft op het verdere verloop van de race.  
 
Steward Dit is een scheidsrechter van de Formule 1. Samen met 3 andere stewards controleert hij tijdens de race of alles volgens de regels verloopt en of de coureurs zich niet misdragen. Bij een overtreding bepalen de stewards welke straf een coureur opgelegd krijgt.
 
Stint Een stint is het aantal rondes dat een coureur binnen een bepaalde periode rijdt, bijvoorbeeld de rondes tussen of voor een pitstop.
 
Track Limits De coureurs moeten tijdens de race binnen deze witte belijning op de baan blijven. Natuurlijk houden de coureurs zich hier niet altijd aan en het gebeurt dan ook regelmatig dat een coureur na afloop van een race nog een tijdstraf ontvangt voor het overschrijden van deze track limits.
 
Undercut & overcut Dit heeft te maken met de timing van de pitstop. De coureurs proberen de pitstop zó te timen, dat ze er een positie mee winnen. Bij een undercut maakt een coureur eerder een pitstop dan de coureur voor hem, om daarna op nieuwe en snellere banden tijd te winnen. Bij overcut is het juist omgekeerd; door langer door te rijden op dezelfde banden proberen de coureurs een mooie voorsprong op te bouwen.  
 
Virtual Safety Car Tijdens een race kan het voorkomen dat de letter ‘VSC’ op de borden staat aangegeven. Dit betekent ‘Virtual Safety Car’ en houdt in dat er iets gebeurd is op de baan. De situatie is dan nog niet ernstig genoeg om de Safety Car de baan op te sturen, maar de coureurs zijn wel verplicht om vaart te minderen en er geldt een tijdelijk inhaalverbod.
 

Bron: Femme Frontaal, RTL GP, RacingNews365, Sportnieuws, GP Update, F1Maximaal, F1reis, GPFans, F1Place, Formule1.nl.
Telefoon 088 - 10 30 750
Openingstijden
Maandag t/m vrijdag
Sunweb Sports & Events
Sunweb Sports & Events

Email info@sunwebsportsevents.nl
Telefoon +31 (0)88 10 30 750
KvK 05059071
BTW nr. NL805657915B01
IBAN NL96 RABO 0345 5999 18
08:07:25 | 0,52 | sunwebsportsevents | NMT-WEB-118 TourWeb © NetMatch